68 - De gure hoogvlakte van Aubrac
25 april 2026 - Nasbinals, Frankrijk
Maandag 23 maart 2026 Aumont-Aubrac - Nasbinal km 1808 - 1835
Na de mooie maar toch best wel pittige tocht van de eerste dag besloten we het vandaag iets rustiger aan te doen. Nou ja, het werden uiteindelijk toch nog 27 km. Een echt prachtige tocht die we ons zullen herinneren, en we konden ook nog eens vertrekken vanuit huis! Voor Willy en Marianne is dat wel zo fijn, dan kunnen ze lekker rustig aan doen in de morgen, vaak halen wij dan bij de lokale boulangerie een stokbroodje en een croissantje, en meestal zit Willy dan wel bij ons aan de ontbijt tafel, Marianne soms ook, afhankelijk of ze een goed boek aan het lezen is. In de loop van de ochtend stappen ze dan in de auto en gaan ze de omgeving verkennen, met een stop bij een goed restaurantje. ‘s Middags komen ze dan naar de afgesproken plek rijden en rijden we weer naar huis. In de loop van weken hebben we deze routine opgepakt. We hebben Marianne uitgelegd hoe je een speld op Apple maps kunt openen en ook versturen, en dat maakt het navigeren wel een stuk makkelijker!
We begonnen deze frisse ochtend met de wandeling naar de bakker, voor een brood met de naam Campagne Auverois, lekker knisperig en iets bruin, en favoriet van Jon. Het was bewolkt en er stond en frisse wind en het was net onder nul. Het lekwater uit onze tuin liet eeen glibberige bevroren strook achter op de weg. De winterjassen gingen daarom aan. Eenmaal thuis aten we ons croissantje, dronken ons bakje koffie en gingen op pad.
De eerste sstop was het Office du Tourisme in Aumont-Aubrac, die volledig buiten onze verwachting in op deze vroege maandagmorgen in maart gewoon open was! De medewerker stond al klaar met zijn “tampon” toen we het kleine kantoor instapten, en drukte het natte inkt op onze pelgrimspaspoorten om de paper trail te maken zodat we in Compostella een diploma mogen halen. We liepen verder door het mooie oude centrum van Aumont, en eenmaal er buiten zagen we twee mensen een oprit aflopen, de Chemins St Jacques op. Ze kwamen een soort herberg uitlopen, met een grote rugzak op hun rug, en waren dus duidelijk pelgrims. We haalden ze al snel in en begonnen een gesprekje met hen. Het bleken twee jonge mannen te zijn uit Frankrijk, de ene kwam uit Lille en de andere uit een dorpje in de buurt van Nantes. Ze vertelden ons dat ze de Camino van Le Puy-en-Velay naar Santiago in een ruk lopen, want “we hebben de tijd”. Bofkonten. Wij legden ze uit dat wij die tijd niet hebben en dus twee keer per jaar een week wandelen, maar wel al de nodige kilometers in de been hebben. Amsterdam maakt toch wel indruk. Ons tempo was iets hoger dan dat van hen vanwege de zware bagage die zij hadden, dus we namen afscheid en liepen door en haalden vervolgens nog twee pelgrims in. Dit waren de enige pelgrims die we de rest van de dag zagen, en we liepen ze al redelijk snel uit zicht. Aan het begin van de tocht liepen we door een landschap met heuveltjes en bossen, en af en toe een dorpje. Het leek vrij veel op het landschap van gisteren maar op een gegeven moment zagen we door de takken van de bomen heen de kale heuvels die we al verwachten op basis van de reisboekjes en ChatGTP. We kwamen op de hoogvlakte van de Aubrac. De hoogvlakte is ontstaan door het langdurig uitstromen van grote hoeveelheden lava die uit uiteindelijk in een dal kwam, is gestold. en toen bazalt is geworden. Basalt is een hard gesteent en het erodeert minder snel dan andere gesteenten. Het oorspronkelijke dal is op die manier een hoogvlakte geworden: de omliggende heuvels erodeerden wel, het dal niet. Gek idee eigenlijk, zulkje enorme grote processen die zo langzaam duren maar die je toch kunt zien. Het had inderdaad veel weg van landschappen die we kennen uit Ierland, Schotland, of het noorden van Engeland, kaal, rotsen, boomloos. De wind woei guur maar het uitzicht was mooi, en in de weilanden zagen we kleine witte bloempjes bloeien. Wat ook bijdroeg aan het Ierse gevoel waren de vele stenen muurtjes die als afrastering van de weilanden werden gebruikt. Koeien waren er niet, want de Aubrac wordt alleen als zomerweide gebruikt, in de winter staan de koeien beneden in het dal.
Tijdens de lunch keken we op de ap om de afstand tot ons eindpunt te berekenen, het dorpje Nasbinal en appten we met Marianne over de tijd van aankomst. Om 3:50 uur liepen we de place de l’Eglise op en zagen we Willy achter het raam van de lokale bar Chez Bastide zitten. We dronken er een lekker glas bier en van de patron kregen we een stempel in ons pelgrimspaspoort, twee op een dag. Wat een score. Eenmaal thuis verzorgde Marianne een heerlijke maaltijd van scampi‘s in de knoflook, met gebakken aardappels en sperziebonen. Terwijl Jon visvideo’s keek op zijn telefoon, Marianne een Willy wat lazen ging ik nog een beetje werken. Ik stuurde via email bedankjes aan alle mensen met wie ik heb afgelopen jaar heb gesproken over mijn carrière. Sinds onze vorige week wandelen in het voorjaar van 25 is er een hoop gebeurd, heb ik veel nagedacht, gesproken en heb ik mijn baan opgezegd bij de TU/e. Momenteel doe ik een tijdelijk klus bij het biotech bedrijf Kuros in Bilthoven, en per 1 april begin ik bij Kempenhaeghe in Heeze. Tijdens de Camino weken neem ik mijn laptop altijd mee en gebruik ik de tijd om dit soort klusjes uit te voeren.
Foto’s
3 Reacties
-
Fons:25 april 2026Mooi Jan dat je een nieuwe baan hebt gevonden. Veel plezier!
-
Marianne:25 april 2026Deze week was echt weer een heel mooie etappe! En de Spaanse grens komt al aardig in zicht!
-
Peter:25 april 2026Wederom een mooi verhaal, jullie gaan nog steeds als een speer. Vroeger vanwege mijn werk ook al eens im Kempenhaeghe geweest.








